Door: Ryan Claus Fotografie: Maarten Albrecht
Artikel
6

Nieuw: kroegbazen huren borrelaars in om hun cafés te vullen

Waarschijnlijk heb je al tussen ze staan borrelen: ingehuurde gangmakers die kroegen opvullen en van sfeer voorzien. We gingen met professionele cafétijgers op kroegentocht door Harderwijk, Almere en Arnhem.

Op een zaterdagavond klokslag 21.30 uur wachten op het altijd gezellige station van Harderwijk twee gangmakers uit Amsterdam mij op. Mard (30) en Barry (29) zingen in de auto van de fotograaf al levenslustig mee op feestelijke hiphopliederen. Volledig uitgerust met uitbundige persoonlijkheden, meerdere steekjes los en een schaamteloze reputatie bij voornamelijk vrouwelijk schoon tussen de 15 en 52 jaar oud heb ik met Mard en Barry ruim dertig jaar aan gangmakerij-ervaring opgetrommeld; de natte droom van elke kroegbaas.

Het notoire duo is – samen met alle andere gangmakers en feestbeesten van Nederland – meer nodig dan ooit. Zeker de laatste jaren ondervindt menig kroegeigenaar de ongewenste gevolgen van een verschuiving in het gemiddelde tijdstip waarop jongeren en jongvolwassenen als Mard en Barry massaal het nachtleven induiken om hun hard verdiende centen te spenderen. Zelfs in de bruisende binnenstad van Harderwijk.

Onze expeditie begint vanavond in Sir Jack, een van de dertig Nederlandse kroegen die sinds het begin van het jaar handig gebruikmaakt van officiële gangmakers; jongeren tussen de 18 en 30 jaar in je kroeg om meer publiek van buitenaf aan te trekken. Door middel van een eenvoudige app die kroegbazen op hun telefoon installeren, roepen ze op iedere gewenste avond de gangmakers op om hun kroeg, danscafé of discotheek leven in te blazen.

Voor deelname betaalt de kroeg 159 euro per maand aan de initiatiefnemers van de Gangmakersociety, in de verwachting dat een vollere kroeg uiteindelijk een aanzienlijk grotere beloning zal opleveren. De beloning voor de gangmakers? Eén of meerdere gratis rondjes, afhankelijk van de kroeg en hoeveel vrienden je meeneemt om de boel op stelten te zetten.

Sinds de lancering stromen de aanmeldingen van welwillende jongeren onophoudelijk binnen bij de Gangmakersociety, vertelt projectleider Paul-Joost Franje trots. ‘We hebben inmiddels drieduizend gangmakers om in te zetten in dertig gemeentes. Bij sommige steden is er zelfs een wachtlijst. We hadden verwacht veel meer moeite te hebben met het werven van gangmakers.’

Voor de ingang van Sir Jack neemt de routine-dj somber een trekje van zijn sigaret. De kroeg is een van drie horecagelegenheden in dé feeststraat van de leukste Hanzestad van Gelderland. ‘Zoals je ziet zitten we hier ingesloten tussen twee kroegen die het elk weekend wel druk hebben.’ De plaatjesdraaier wijst naar Café Gauwigheid aan de overkant van de straat en Café Ome, een kleine 20 meter verderop. ‘Zij draaien veel bubbling en moderne hitjes, dat trekt nou eenmaal volle zalen. Wij zijn vanouds een toch wat alternatief café. Jongeren vinden onze muziek misschien te moeilijk. Dat proberen we nu wel te veranderen.’

Als ik met Mard en Barry vol goede moed om 21.45 uur Sir Jack betreed, is het direct pijnlijk merkbaar hoe nodig wij als gangmakers zijn. De zaterdagavond is al in volle gang, maar in Sir Jack hangen enkel wat studentikoze jongens aan de pooltafel en kletst een mager vriendinnengroepje bij aan de bar. Alleen een toevallig verjaardagsfeestje met een tiental jongeren in een zithoekje brengt enigszins leven in de brouwerij.

‘Het weekend is niet meer wat het ooit was,’ stelt de ietwat moedeloze kroegbaas Sebastiaan (33). Na ruim elf jaar trouwe dienst nam de Harderwijker het café in 2014 hoopvol over van de toenmalige eigenaar. Sindsdien bestaan zijn werkzaamheden voornamelijk uit het ‘continu op de rails proberen te houden’ van zijn eigendom. ‘Toen ik hier begon was het elk weekend om 23.00 uur goed druk. Wij deden om 22.00 uur de deur open en er stond steevast een rij mensen klaar om te feesten. Op dezelfde avonden maken we het nu regelmatig mee dat we om middernacht met zijn zessen achter de bar staan te wachten tot mensen eindelijk een keertje naar binnen komen. Ik heb het door de jaren heen echt zien veranderen. Jongeren gaan de laatste tijd steeds later de stad in. Ze eten om 18.00 uur, spreken vervolgens om 21.00 uur af met vrienden thuis om in te drinken en gaan dan pas rond 01.00 uur naar de kroeg, omdat het volgens hun dan pas gezellig is. Op een avond als deze is het pas om 01.45 uur eindelijk een keertje druk. Dat is veel te laat. Jongeren zouden om 22.00 uur al moeten denken: laten we gaan stappen!’

De combinatie van steeds later stappende klanten en een sluitingstijd van 01.00 uur doordeweeks en 02.00 uur in het weekend is een zorgelijke kwestie voor Sebastiaan. De kroegbaas wijst de economische crisis van 2008 aan als grote boosdoener. ‘Tot tien jaar geleden heerste er een andere mentaliteit onder het Nederlandse uitgaanspubliek. Mensen deden één drankje thuis en vertrokken daarna naar de kroeg. Na de crisis hebben mensen minder te besteden én zijn de prijzen omhoog gegaan. Zeker voor jongeren, die kunnen voor 2,50 euro een sixpack kopen in de supermarkt, terwijl ze daar in de kroeg maar één biertje voor krijgen.’

Mard, Barry en ik nemen ons gratis rondje in ontvangst en proosten op een gezellig avond. De fluitjes glijden naar binnen, waardoor nog geen vijf minuten later unaniem besloten wordt om nog een rondje te bestellen. Dit keer moeten we zelf betalen. Een aansluitend potje pool neemt een kwartier tijd in beslag; voldoende tijd voor een derde rondje bier. Na een half uur in Sir Jack heeft onze jolige aanwezigheid nog niet kunnen leiden tot een vollere kroeg of een gezellig feestje.

Het inzetten van meerdere gangmakers was eventueel een slimme zet geweest voor deze stroeve zaterdagavond, maar daarvoor moet Sebastiaan voorlopig nog even wachten op toestemming van gemeente Harderwijk. ‘Wij hebben de eerste twee weken van het jaar geëxperimenteerd met gangmakers, totdat ik een belletje kreeg van de lokale wethouder. De gemeente breekt er zijn nek nu over, omdat wij de Horecawet zouden overtreden door gratis drank uit te delen aan jongeren. Er wordt nog besproken of het experiment wel of geen vervolg mag krijgen. Ik zou het vooral jammer vinden als ik geen gangmakers in mijn kroeg mag inzetten, maar mijn collega’s in de straat wel.’

De gemeente Harderwijk wordt in haar gevecht tegen de gangmakers gesterkt door STAP, het Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid. Directeur Wim van Dalen vreest een toename van alcoholgebruik onder jongeren. Ironisch genoeg zorgde deze ophef voor landelijke media-aandacht tijdens de lancering van het gangmaker-experiment, tot groot genoegen van initiatiefnemer Paul-Joost. ‘Het argument dat jongeren meer gaan drinken hebben we heel eenvoudig ontkracht, want uiteindelijk kost het ze alsnog meer geld in een club of kroeg dan in een supermarkt. Blijkbaar deelden de media onze mening, want de nieuwsitems waren stuk voor stuk positief. Wij zijn STAP dan ook zeer dankbaar voor alle aandacht.’

Kroegbaas Sebastiaan blijft gematigd enthousiast over de ontwikkelingen en voorziet pas een kans van slagen als er in groepsverband wordt meegedaan aan het experiment. ‘Het zou leuk zijn als alle horeca in Harderwijk mee gaat experimenteren. Ik kan wel als enige vijftien gangmakers in mijn kroeg hebben om 22.00 uur, maar dat gaat er niet voor zorgen dat heel Harderwijk eerder de stad in duikt. Zelfs als mensen om 23.00 uur al naar de stad zouden trekken, hebben ze hier de neiging om eerst een rondje te lopen langs alle kroegen om te kijken waar het gezellig is.’

Net als Mard, Barry en ik Sir Jack om half elf uitzwaaien, betreden tien vrouwen van middelbare leeftijd de kroeg. Een sprankje hoop voor een tamme zaterdagavond. Wij gaan door naar Almere en, later, Arnhem.

Lees het hele artikel op Blendle.

Gerelateerd nieuws