* * *
Mystieke horror van Lars von Trier
In de bioscoop vanaf 29 oktober
Een kleuter valt uit het raam op het moment dat zijn ouders – gespeeld door Charlotte Gainsbourg en Willem Dafoe – in de belendende slaapkamer naar een orgasme toewerken. Von Trier gaat vanaf scène één recht op zijn doel af. Dit wordt een verhaal over verlies, schuld en boetedoening, waarbij dat laatste bovendien tot in de pijnlijkste fyieke details zal worden uitgewerkt. De geestelijke en lichamelijke ondergang van het stel is fascinerend, maar empathie wekken de naamloos blijvende personages van Gainsbourg en Dafoe niet op. Antichrist blijft tot het einde toe een afstandelijke film waarin het irrationele en (religieuze) symboliek het menselijk drama overvleugelen. De man, psychotherapeut, vertegenwoordigt de ratio. Hij denkt zijn ontredderde vrouw met praten en ademhalingsoefeningen weer tot rede te kunnen brengen. Maar bij Von Trier trekt de rede vanzelfsprekend aan het kortste eind. Nadat de twee zich hebben teruggetrokken in een vakantiehuisje in het bos, slaan bij de vrouw de stoppen door. De film eindigt in een orgie van (zelf)verminking die weliswaar gruwelijk is, maar inmiddels zover is weggedreven van zijn aanleiding dat je er eerder met verwondering dan afschuw naar zit te kijken. Was het Von Trier daar juist om te doen? Maar waarom? Of moeten we de maker juist dankbaar zijn voor een film die ons veel antwoorden schuldig blijft?







